Spinoza vierluik

Dit jaar ontvangen twee Leidse en twee Utrechtse hoogleraren de Spinozapremie. De prestigieuze prijzen werden vanmiddag uitgereikt in de Rode Hoed in Amsterdam aan een psycholoog, twee scheikundigen en een celbioloog. Een korte kennismaking.

De Spinozapremie wordt jaarlijks door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) uitgereikt aan eminente wetenschappers aan Nederlandse universiteiten. De prijs is een erkenning van internationale faam, het inspireren van een nieuwe generatie wetenschappers en de toepassing van het onderzoek buiten de wetenschap. Winnaars krijgen een beeldje van Spinoza en een bedrag van 2,5 miljoen euro vrij te besteden onderzoeksgeld. Dit jaar zijn de gelukkigen:

Eveline Crone

Voor Eveline Crone (1975) is de toekenning van de Spinozapremie een volgende erkenning van een stormachtige carrière. De hoogleraar neurocognitieve ontwikkelingspsychologie aan de Universiteit Leiden is de twee na jongste winnaar in de geschiedenis van de prijs. Crone maakte internationaal naam als pionier in het onderzoek naar de ontwikkeling van puberhersenen. Zo ontdekte ze dat puberhersenen een unieke fase in de ontwikkeling zijn en dat dit het typische pubergedrag kan verklaren.

Van de vier winnaars van dit jaar is Crone het bekendst buiten de wetenschap. Zo schreef ze de bestseller Het puberende brein en Het sociale brein van de puber. Ook is ze is een graag geziene gast op radio en tv.

Albert Heck

Albert Heck (1964) dankt zijn Spinozapremie aan zijn pionierswerk in het onderzoek naar de structuur en werking van eiwitten. Als hoogleraar scheikunde en farmaceutische wetenschappen aan de Universiteit Utrecht houdt hij zich bezig met het steeds verder verbeteren van massaspectroscopie. Met deze techniek zijn eiwitten te herkennen aan hun gewicht en dat kan inmiddels voor tienduizenden moleculen. Eiwitten spelen een centrale rol in al het leven en daarmee biedt het onderzoek van Heck inzicht in bijvoorbeeld de biologie van ziekte en gezondheid.

De methoden van Heck worden in laboratoria over de hele wereld gebruikt. Ook werkt hij samen met technologische en farmaceutische bedrijven aan de toepassing van massaspectrometers in het onderzoek naar nieuwe medicijnen.

Michel Orrit

Voor de buitenwereld is Michel Orrit (1956), hoogleraar spectroscopie van moleculen in gecondenseerde materie aan de Universiteit Leiden, waarschijnlijk de minst bekende van de vier winnaars. In zijn vakgebied is de Fransman echter een zwaargewicht. Hij verdiende internationaal zijn sporen als grondlegger van de single molecule spectroscopy. Dit vakgebied bestudeert de eigenschappen van nanodeeltjes en individuele moleculen.

Orrit is de oudste winnaar van de Spinozapremie tot dusver en gezien zijn leeftijd lijkt de prijs vooral een eerbetoon voor zijn levenswerk. Zijn belangrijkste wapenfeit leverde hij eind jaren 80 toen hij als eerste een enkel molecuul liet oplichten door er met laserlicht op te schijnen (fluorescentie). Dat deed hij een jaar nadat de Amerikaan William Moerner voor het eerst lichtabsorptie van een molecule mat. Toen Moerner hiervoor in 2014 een gedeelde Nobelprijs ontving, stelde hij dat als de prijs vier winnaars zou kunnen hebben, Orrit er zeker bij zou zijn geweest.

Alexander van Oudenaarden

Alexander van Oudenaarden (1970) is hoogleraar quantitative biology of gene regulation aan de Universiteit Utrecht en algemeen directeur van het Hubrecht Instituut. Zijn Spinozapremie is een erkenning van zijn pionierswerk en internationaal leidende positie in de single-cell biology. Cellen met precies hetzelfde dna kunnen zich in identieke omgevingen heel anders gedragen. Van Oudenaarden probeert de oorsprong van deze verschillen te achterhalen. Daarvoor kijkt hij naar netwerken van eiwitten en genen in individuele, levende cellen. Ook bestudeert hij de rol die kans speelt in het chaotische binnenste van cellen bij het bepalen van het gedrag.

Binnen de vakgroep van Van Oudenaarden, zelf materiaalwetenschapper en natuurkundige, werkt een bont gezelschap aan wetenschappers. Zo kan hij methoden uit de ontwikkelingsbiologie, moleculaire biologie, natuurkunde, wiskunde en informatie combineren om de individuele cel te doorgronden. Waar nodig ontwikkelt hij zelf nieuwe technieken. Het onderzoek levert nieuwe inzichten op over het ontstaan van ziekten als kanker en kan daarmee bijdragen aan nieuwe behandelingen.

Lees ook: Spinozapremies onverminderd stereotypebevestigend en Eveline Crone: 41 en winnaar prestigieuze Spinozapremie